ECLI:NL:HR:2012:BV1869
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen met verhogingen en boeten opgelegd over de jaren 1991 tot en met 2000 in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De Inspecteur handhaafde deze na bezwaar, maar het hof verklaarde de beroepen gegrond, verminderde de aanslagen en boeten en schold de verhogingen gedeeltelijk kwijt.
Belanghebbende en de Staatssecretaris van Financiën stelden cassatieberoep in tegen het hofarrest. De Staatssecretaris trok zijn beroep in, waarna belanghebbende verzocht om vergoeding van de proceskosten. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte de eerdere jurisprudentie van 15 april 2011 niet juist had toegepast bij de beoordeling van de boeten.
Daarom werd het beroep in cassatie gegrond verklaard en het arrest van het hof vernietigd voor zover het de verhogingen en boeten betreft. De zaak werd verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest van 15 april 2011. Tevens werd de Staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over verhogingen en boeten en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.