ECLI:NL:HR:2011:BU8801
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatie tegen uitspraak Sociale verzekeringsbank over AOW en ANW
Belanghebbende X uit Z heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 15 februari 2011, waarin hoger beroep was behandeld tegen uitspraken van de Rechtbank Maastricht. De zaak betrof besluiten van de Sociale verzekeringsbank (SVB) op grond van de Algemene ouderdomswet (AOW) en de Algemene nabestaandenwet (ANW).
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State (RO), waarmee het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Dit betekent dat de Hoge Raad niet inhoudelijk op de zaak is ingegaan, maar het beroep heeft afgewezen vanwege procedurele gronden.
De procedure betreft drie zaken met nummers 09/3449 AOW, 09/3455 ANW en 09/3502 AOW, die samenhang vertonen. De uitspraak bevestigt de beslissingen van lagere instanties en de SVB met betrekking tot de toepassing van de sociale zekerheidswetten in deze casus.
De Hoge Raad heeft hiermee de rechtsgang afgerond zonder inhoudelijke beoordeling van de materiële geschilpunten, waarmee de eerdere uitspraken van de Centrale Raad van Beroep in stand zijn gebleven.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard en verworpen op grond van artikel 81 RO.