ECLI:NL:HR:2011:BT1538
Hoge Raad
- Cassatie
- C. Schaap
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing 30%-regeling voor ondernemer die voorafgaand aan dienstbetrekking in Nederland werkzaam was
Belanghebbende, een radiologe die haar opleiding en eerste werkzaamheden in België verrichtte, trad op 1 mei 2002 toe tot een maatschap in Nederland en was daar als ondernemer werkzaam. Op 15 december 2006 richtte zij een B.V. op en trad per 1 januari 2007 als directeur in dienst van deze B.V., waarbij zij haar werkzaamheden als radiologe voortzette.
Zij verzocht de Inspecteur om toepassing van de 30%-regeling met ingang van 1 januari 2007, maar dit verzoek werd afgewezen. Zowel de Rechtbank te Breda als het Gerechtshof bevestigden deze afwijzing. Het geschil betrof de vraag of belanghebbende kon worden beschouwd als ingekomen werknemer in de zin van artikel 8, lid 2, letter b, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965.
De Hoge Raad oordeelde dat omdat belanghebbende op het moment van het aangaan van de arbeidsovereenkomst al in Nederland werkzaam was als ondernemer, zij niet voldeed aan de eis van niet in Nederland werkzaam zijn voorafgaand aan de dienstbetrekking. Dit leidde tot de bevestiging van het oordeel van het Hof en de afwijzing van het beroep in cassatie.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de 30%-regeling bevestigd.