ECLI:NL:HR:2011:BR0409
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wijziging ouderlijk gezag en ondertoezichtstelling minderjarige afgewezen
In deze zaak stond een verzoek tot wijziging van het ouderlijk gezag en tot ondertoezichtstelling van een minderjarige centraal. De moeder, woonachtig in Rusland, stelde cassatieberoep in tegen de beschikking van het gerechtshof te 's-Gravenhage. De vader stelde voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep in. De Hoge Raad verwees naar eerdere beslissingen van de rechtbank en het hof en behandelde het cassatieberoep op basis van artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De klachten van de moeder konden geen cassatiegrond vormen, mede omdat zij geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal was gericht op verwerping van het principale beroep. Omdat het principale beroep faalde, werd het incidentele beroep van de vader niet inhoudelijk behandeld.
De Hoge Raad bevestigde daarmee de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter op grond van artikel 8 lid 1 van Pro Brussel II-bis en verwierp het cassatieberoep. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken door raadsheer J.C. van Oven op 9 september 2011.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft gehandhaafd.