ECLI:NL:HR:2011:BQ6712
Hoge Raad
- Cassatie
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens strijdig gebruik van verklaring verdachte als bewijsmiddel
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor diefstal door middel van braak, gepleegd op 7 juli 2007. Het hof had vastgesteld dat verdachte samen met een ander twee fietsen uit een woning had weggenomen door een kelderraam te verbreken en via de kelder in het woongedeelte te klimmen. Verdachte voerde aan dat verklaringen die hij had afgelegd vóór het bezoek van zijn raadsman niet als bewijs mochten worden gebruikt. Het hof oordeelde dat deze verklaringen niet als bewijs werden gebruikt.
Desondanks gebruikte het hof als bewijsmiddel een proces-verbaal van politie waarin onder meer de verklaring van verdachte was opgenomen, wat in strijd was met het eigen oordeel van het hof. De Hoge Raad stelde vast dat dit een gegronde bewijsklacht opleverde en vernietigde het arrest van het hof. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor een nieuwe berechting op het bestaande hoger beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat er geen andere gronden waren om het arrest ambtshalve te vernietigen en dat de overige middelen geen bespreking behoefden. Het arrest werd uitgesproken door de raadsheren de Savornin Lohman, Splinter-van Kan en Loth op 8 november 2011.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.