ECLI:NL:HR:2011:BQ4715

Hoge Raad

Datum uitspraak
28 juni 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/02932
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie in Eindhovense zedenzaak

Op 28 juni 2011 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep behandeld van een verdachte in een Eindhovense zedenzaak. Het beroep was ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 29 juni 2010.

Namens de verdachte hebben advocaten mr. J. Goudswaard en mr. I. van Straalen middelen van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal Hofstee concludeerde tot verwerping van het beroep. De raadslieden reageerden schriftelijk op deze conclusie.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat, gelet op artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering, geen nadere motivering nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom werd het beroep verworpen. Het arrest werd gewezen door vice-president F.H. Koster als voorzitter en raadsheren W.A.M. van Schendel en W.F. Groos, en uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier J.D.M. Hart.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het hofarrest bevestigd.

Uitspraak

28 juni 2011
Strafkamer
nr. 10/02932
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 29 juni 2010, nummer 20/001415-10, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1948, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. J. Goudswaard en mr. I. van Straalen, beiden advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De raadslieden hebben schriftelijk op de conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.A.M. van Schendel en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 28 juni 2011.