ECLI:NL:HR:2011:BP8823

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 april 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/03050
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in strafzaak door Hoge Raad

In deze strafzaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 22 juni 2010. De Hoge Raad heeft het middel van cassatie beoordeeld en geoordeeld dat het niet tot cassatie kan leiden.

De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om het middel nader te motiveren, omdat het geen rechtsvragen bevat die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarmee werd het beroep van de verdachte verworpen en het arrest van het gerechtshof bekrachtigd. De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 26 april 2011, onder voorzitterschap van vice-president A.J.A. van Dorst en met de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en C.H.W.M. Sterk.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen door de Hoge Raad.

Uitspraak

26 april 2011
Strafkamer
nr. 10/03050
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 22 juni 2010, nummer 22/006189-09, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Rijnmond, locatie De IJssel" te Krimpen aan den IJssel.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.B.J.G. Baggen, advocaat te Arnhem, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 26 april 2011.