ECLI:NL:HR:2011:BO7868

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/03137
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 69 lid 1 Faillissementsbesluit 1931Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling ontslag curatoren in faillissement door rechter-commissaris

In deze zaak staat het ontslag van curatoren in het faillissement van een vennootschap centraal, waarbij het ontslag is uitgesproken door de rechter-commissaris. De curatoren hebben tegen dit ontslag beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De feiten betreffen het faillissement van een N.V. gevestigd te Curaçao, waarbij de curatoren hun werkzaamheden uitoefenden onder toezicht van de rechter-commissaris.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van het gerecht in eerste aanleg en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, waarin het ontslag van de curatoren is bevestigd. In cassatie zijn de aangevoerde klachten van de curatoren onderzocht, maar deze konden niet leiden tot vernietiging van de bestreden beschikking.

De Hoge Raad benadrukt de discretionaire bevoegdheid van de rechter-commissaris op grond van artikel 69 lid 1 van Pro het Faillissementsbesluit 1931 en oordeelt dat de klachten van de curatoren geen aanleiding geven tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Daarom wordt het cassatieberoep verworpen en blijft het ontslag van de curatoren in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de curatoren wordt verworpen en het ontslag door de rechter-commissaris blijft in stand.

Uitspraak

21 januari 2011
Eerste Kamer
10/03137
DV/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [Verzoeker 1],
2. [Verzoeker 2],
in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van [A] N.V.,
beiden wonende te Curaçao,
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaten: mr. J.W.H. van Wijk en mr. S.M. Kingma.
Verzoekers tot cassatie zullen hierna ook worden aangeduid als de curatoren.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking van het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, van 4 juni 2010,
b. de beschikking in de zaak HAR 17/10 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 22 juni 2010.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof hebben de curatoren beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
De advocaten van de curatoren hebben bij brief van 10 december 2010 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 21 januari 2011.