Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2010:BN7733

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/01066
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 SrArt. 24c SrArt. 47 SrArt. 417bis SrArt. 441 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstel van verzuim door Hoge Raad inzake vermelding wettelijke voorschriften strafoplegging

In deze cassatieprocedure tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het hof heeft nagelaten de wettelijke voorschriften te vermelden waarop de strafoplegging is gebaseerd. Dit is een formeel verzuim dat de Hoge Raad met toepassing van artikel 441 van Pro het Wetboek van Strafvordering herstelt.

Het beroep in cassatie, ingesteld door de verdachte en ondersteund door zijn advocaten, werd grotendeels verworpen. De Hoge Raad vernietigde het bestreden arrest echter voor zover het hof niet de artikelen 23, 24c, 47 en 417bis van het Wetboek van Strafrecht als grondslag voor de strafoplegging had vermeld.

De Hoge Raad voegde deze wettelijke voorschriften toe en verwierp het beroep voor het overige. Er was geen aanleiding om het arrest ambtshalve te vernietigen. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren, waarbij het arrest op 16 november 2010 werd uitgesproken.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het niet vermelden van de wettelijke voorschriften waarop de strafoplegging berust, met herstel van dit verzuim door de Hoge Raad.

Uitspraak

16 november 2010
Strafkamer
nr. 09/01066
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 13 november 2008, nummer 21/003559-07, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. B.P. de Boer en mr. A.J. van der Velden, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het eerste en het tweede middel
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beoordeling van het derde middel
3.1. Het middel klaagt dat het Hof heeft nagelaten de wettelijke voorschriften te vermelden waarop de strafoplegging berust.
3.2. Het middel is gegrond. De Hoge Raad zal met toepassing van art. 441 Sv Pro dit verzuim herstellen.
4. Slotsom
Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.
5. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend voor zover daarbij als wettelijke voorschriften waarop de strafoplegging berust niet de art. 23, 24c, 47 en 417bis Sr zijn vermeld;
vermeldt als wettelijke voorschriften waarop de strafoplegging berust de art. 23, 24c, 47 en 417bis Sr;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.M.E. Thomassen en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier S.C. Rusche, en uitgesproken op 16 november 2010.