ECLI:NL:HR:2010:BN6119

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 oktober 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/02337
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling van strafvorderlijk onderzoek door brandverzekeraar en toepassing art. 81 RO

In deze zaak stond centraal de vraag of het onderzoek dat door een brandverzekeraar was ingesteld via een deskundige, strafvorderlijk van aard was en of het als onrechtmatig verkregen bewijs mocht worden uitgesloten. Leerfashion Modecentrum en medeeisers stelden zich op het standpunt dat het onderzoek niet in de beoordeling mocht worden betrokken.

De zaak werd behandeld door de voorzieningenrechter en het gerechtshof te Leeuwarden, waarna Leerfashion cassatie instelde bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering (RO), dat bepaalt dat in cassatie geen onderzoek naar feiten wordt gedaan.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van Leerfashion niet tot cassatie konden leiden en dat het onderzoek door de deskundige in de beoordeling mocht worden betrokken. Er was geen aanleiding om af te wijken van de eerdere beslissingen van de lagere instanties. De Hoge Raad veroordeelde Leerfashion in de kosten van het cassatiegeding en bevestigde het arrest van het gerechtshof.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Leerfashion wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd.

Uitspraak

8 oktober 2010
Eerste Kamer
09/02337
DV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. LEERFASHION MODECENTRUM GENEMUIDEN VOF,
gevestigd te Genemuiden,
2. [Eiser 2],
3. [Eiseres 3],
4. [Eiser 4],
allen wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
ALGEMENE FRIESE ONDERLINGE SCHADEVERZEKERINGSMAATSCHAPPIJ "ZEVENWOUDEN" U.A.,
gevestigd te Heerenveen,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Leerfashion c.s. en Zevenwouden.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 89945/KG ZA 08-204 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Leeuwarden van 23 juli 2008 en het herstelvonnis van 31 juli 2008;
b. het arrest in de zaak 200.012.969/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 3 februari 2009.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben Leerfashion c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Zevenwouden is verstek verleend.
De zaak is voor Leerfashion c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO Pro.
De advocaat van Leerfashion c.s heeft bij brief van 24 september op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Leerfashion c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Zevenwouden begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren E.J. Numann en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 oktober 2010.