ECLI:NL:HR:2010:BL7964
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen vergissing douaneautoriteiten bij jarenlang aanvaarden onjuiste invoeraangiften
Belanghebbende werd uitgenodigd tot betaling van douanerechten op basis van een aanslagbiljet uit 2001. Tegen de afwijzing van het bezwaar door de Inspecteur en het daaropvolgende ongegrond verklaarde beroep bij het Gerechtshof Amsterdam werd cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad overwoog dat het enkel jarenlang aanvaarden van invoeraangiften met een onjuiste GN-code niet automatisch een vergissing van de douaneautoriteiten betekent zoals bedoeld in artikel 220, lid 2, aanhef en letter b, van het Communautair Douanewetboek (CDW). Voor een vergissing is vereist dat de douaneautoriteiten op enig moment met zekerheid hadden moeten vaststellen dat de vermelde tariefpost onjuist was, op basis van de toen beschikbare gegevens.
Belanghebbende moest aannemelijk maken dat de douaneautoriteiten op de hoogte waren van de juiste omschrijving van de goederen en dat zij daardoor onmiddellijk en met zekerheid hadden kunnen vaststellen dat de tariefpost onjuist was. Het Hof oordeelde dat belanghebbende dit niet aannemelijk had gemaakt, en daartegen is in cassatie geen bezwaar gemaakt.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het Hof en verklaarde het cassatieberoep ongegrond. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat geen vergissing van de douaneautoriteiten is vastgesteld.