ECLI:NL:HR:2009:BK1605

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 december 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/03212
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep advocaat tegen beslissing Hof van Discipline

Een advocaat heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beslissing van het Hof van Discipline, waarin hem een maatregel van berisping werd opgelegd na vernietiging van een eerdere voorwaardelijke schorsing. De Hoge Raad heeft beoordeeld of het cassatieberoep ontvankelijk is.

Het Hof van Discipline had de eerdere maatregel van voorwaardelijke schorsing vervangen door een berisping. De advocaat stelde zich op het standpunt dat hij tegen deze beslissing in cassatie kon gaan. De Advocaat-Generaal adviseerde echter tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

De Hoge Raad bevestigde dat tegen uitspraken van het Hof van Discipline in tuchtrechtelijke procedures zoals bedoeld in de Advocatenwet geen cassatieberoep openstaat. Daarom verklaarde de Hoge Raad het cassatieberoep van de advocaat niet-ontvankelijk en wees het beroep af.

De beschikking werd gegeven door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Numann en Streefkerk en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann op 18 december 2009.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de advocaat werd niet-ontvankelijk verklaard omdat tegen beslissingen van het Hof van Discipline geen cassatieberoep openstaat.

Uitspraak

18 december 2009
Eerste Kamer
09/03212
EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. R.A. van der Hansz.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
[Verzoeker] is op 18 juni 2008 bij het Hof van Discipline in hoger beroep gekomen van de beslissing van de Raad van Discipline in het ressort 's-Hertogenbosch van 19 mei 2008, waarbij aan hem onder meer de maatregel van voorwaardelijke schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van twee weken is opgelegd.
Het Hof van Discipline heeft voornoemde beslissing bij beslissing van 19 juni 2009 vernietigd en, in zoverre opnieuw rechtdoende, aan [verzoeker] de maatregel van berisping opgelegd.
De beslissing van het Hof van Discipline is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beslissing van het Hof van Discipline heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoeker] in zijn cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 5 november 2009 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het beroep is gericht tegen een in een tuchtrechtelijke procedure als bedoeld in paragraaf 4 van de Advocatenwet door het Hof van Discipline gedane uitspraak. Verzoeker kan niet worden ontvangen in zijn beroep, aangezien tegen beslissingen van dat hof geen cassatieberoep openstaat [vgl. HR 25 september 2009, nr. 09/01585, LJN BJ8495].
4. Beslissing
De Hoge Raad verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, E.J. Numann en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 18 december 2009.