ECLI:NL:HR:2009:BI4060
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.M.E. Thomassen
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens ontbreken gemotiveerde beslissing over rijbewijsverweer
Op 18 maart 2006 werd verdachte aangehouden voor het rijden met een ingevorderd rijbewijs en het besturen van een motorrijtuig terwijl de geldigheid van zijn rijbewijs meer dan een jaar was verstreken. Het hof verklaarde verdachte schuldig op beide feiten. Verdachte voerde in hoger beroep aan dat het tweede feit niet strafbaar was omdat zijn Duitse rijbewijs, hoewel niet geregistreerd in Nederland, volgens de Wegenverkeerswet 1994 en Europese regelgeving nog geldig was.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof op straffe van nietigheid een met redenen omklede beslissing had moeten geven op dit verweer, maar dit niet had gedaan. Hierdoor werd het arrest vernietigd voor zover het het tweede feit betreft en werd de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
De overige middelen van cassatie werden verworpen. De Hoge Raad oordeelde dat verdachte ten tijde van de controle zonder geldig rijbewijs reed, omdat hij zijn Duitse rijbewijs niet had geregistreerd of omgewisseld, zoals wettelijk vereist. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 7 juli 2009.
Uitkomst: Het arrest is vernietigd voor het tweede feit en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.