ECLI:NL:HR:2009:BC1589
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag grondwaterbelasting na grenswijziging waterschap
Belanghebbende, het waterschap Groot Salland, kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor grondwaterbelasting over 1999. Deze aanslag werd gehandhaafd door de Inspecteur, maar vernietigd door de Rechtbank Arnhem. Het Hof Arnhem herstelde de aanslag en verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Belanghebbende stelde cassatie in tegen deze uitspraak.
De kern van het geschil was of de naheffingsaanslag na 1 januari 2000, toen het gebied overging naar het waterschap Velt en Vecht, nog aan belanghebbende mocht worden opgelegd. De Hoge Raad oordeelde dat artikel 5b van de Waterschapswet niet bepaalt dat de belastingschuld overgaat naar het nieuwe waterschap, omdat deze schuld het algemene vermogen van het waterschap betreft en niet een zaakgebonden verplichting is.
Het hof had daarom terecht geoordeeld dat de Inspecteur de aanslag aan belanghebbende mocht opleggen. Ook het overgangsreglement van het nieuwe waterschap kon hieraan niets afdoen. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en wees het arrest van het Hof Arnhem van 30 maart 2007 daarmee definitief toe.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de naheffingsaanslag grondwaterbelasting aan het oorspronkelijke waterschap kan worden opgelegd.