ECLI:NL:HR:2008:BG4004

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/11509
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering schadevergoeding wegens weigering schadeloosstelling door Gasunie

In deze zaak vorderden grondeigenaren een verklaring voor recht dat Gasunie onrechtmatig handelde door hen niet schadeloos te stellen voor de aanleg en instandhouding van leidingen op hun grond. De rechtbank Groningen wees de vordering af, en het gerechtshof Leeuwarden bekrachtigde dit oordeel bij arrest.

De grondeigenaren stelden vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad, die het beroep heeft verworpen. De klachten van de grondeigenaren konden geen cassatiegrond opleveren en er was geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad veroordeelde de eisers tevens in de proceskosten van het cassatiegeding. Hiermee is de afwijzing van de vordering tot schadeloosstelling definitief bevestigd, waarmee de uitleg van de algemene voorwaarden door Gasunie standhoudt.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de grondeigenaren wordt verworpen en de vordering tot schadeloosstelling afgewezen.

Uitspraak

19 december 2008
Eerste Kamer
07/11509
EV/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
N.V. NEDERLANDSE GASUNIE,
gevestigd te Groningen,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en Gasunie.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Eiser] c.s. hebben bij exploot van 1 juni 2005 Gasunie gedagvaard voor de rechtbank Groningen en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat de weigering door Gasunie om hen schadeloos te stellen onrechtmatig is met veroordeling van Gasunie tot betaling aan [eiser] c.s. van een bedrag van € 2.500,-- wegens buitengerechtelijke kosten.
Gasunie heeft de vordering bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 1 maart 2006 de vordering van [eiser] c.s. afgewezen.
Tegen het vonnis van de rechtbank hebben [eiser] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Leeuwarden.
Bij arrest van 6 juni 2007 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Gasunie heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Gasunie begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 19 december 2008.