ECLI:NL:HR:2008:BC2250
Hoge Raad
- Cassatie
- P.C. Kop
- O. de Savornin Lohman
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Huwelijksvermogensrecht: waardering onderneming en boedelverdeling bij echtscheiding
De man verzocht bij de rechtbank Breda om echtscheiding en verdeling van de gemeenschap van goederen met de vrouw. De rechtbank sprak de echtscheiding uit en bepaalde de verdeling, maar hield de waardering van de onderneming en pensioenrechten aan. Na tussenbeschikkingen beval de rechtbank de verdeling ten overstaan van een notaris.
De vrouw ging in hoger beroep bij het hof te 's-Hertogenbosch, dat de beschikking vernietigde en een deskundigenonderzoek gelastte naar de waardering van de onderneming. Vervolgens wees het hof de aandelen toe aan de man en bepaalde dat hij de pensioenrechten van de vrouw moest afstorten bij een pensioenverzekeraar.
De vrouw stelde beroep in cassatie in tegen deze eindbeschikking, maar de Hoge Raad verwierp het beroep zonder nadere motivering, omdat de klachten niet leidden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de verdeling van de gemeenschap van goederen en waardering van de onderneming.