ECLI:NL:HR:2007:BB2964
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- W.J.M. Davids
- Rechtspraak.nl
Verlening voorlopige machtiging op grond van de Bopz en beoordeling gevaarscriterium
De officier van justitie heeft een verzoek ingediend tot verlening van een voorlopige machtiging voor opname en verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis, op basis van een medische verklaring van een niet-betrokken psychiater.
De rechtbank heeft het verzoek behandeld in aanwezigheid van betrokkene, haar advocaat, een crisisinterventor en twee vrienden van betrokkene. Na aanvullende informatie en reactie daarop heeft de rechtbank de voorlopige machtiging verleend voor maximaal zes maanden.
Betrokkene stelde beroep in cassatie tegen deze beschikking, maar de Hoge Raad verwierp het beroep zonder nadere motivering, omdat de aangevoerde klachten niet leidden tot rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken door de president van de Hoge Raad op 21 september 2007.
Uitkomst: Het cassatieberoep tegen de beschikking tot verlening van een voorlopige machtiging wordt verworpen.