ECLI:NL:HR:2007:BA2267
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- L. Monné
- C.J.J. van Maanen
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over bedenktijd bij vaststellingsovereenkomst belastingnavordering
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1998 een navorderingsaanslag in de vermogensbelasting opgelegd, waartegen bezwaar werd gemaakt. Het Hof Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en verwierp de klacht over het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar. Belanghebbende stelde in cassatie dat de Inspecteur in strijd met het besluit van 1 december 1997 geen redelijke bedenktijd had geboden bij het sluiten van de vaststellingsovereenkomst.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de vaststellingsovereenkomst rechtsgeldig tot stand was gekomen, terwijl de Inspecteur de bewijslast draagt dat aan de bedenktermijn is voldaan. Tevens miskende het Hof dat alleen belanghebbende kan beslissen om al dan niet af te zien van de bedenktijd en dat tijdens die termijn nieuwe inzichten kunnen ontstaan.
Daarom werd het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling. De Staat werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en kosten van het cassatieproces. De zaak betreft de toepassing van het besluit AFZ97/2412 over bedenktijd bij vaststellingsovereenkomsten in belastingzaken.
Uitkomst: Het arrest van het Hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.