ECLI:NL:HR:2007:AU8190
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel over douanewaarde en informatieplicht bij antidumpingrechten
Belanghebbende, een douane-expediteur, werd geconfronteerd met naheffingen van douanerechten en omzetbelasting over invoer van geheugenmodules. Na bezwaar en beroep bij de Tariefcommissie en het Gerechtshof werden de aanslagen grotendeels gehandhaafd. Het Hof oordeelde dat antidumpingrechten geen deel uitmaken van de douanewaarde indien deze niet expliciet in de aangifte of facturen zijn vermeld en niet door de douane worden geheven.
Daarnaast stelde belanghebbende dat de douane hem had moeten informeren over een onderzoek naar soortgelijke goederen bij andere bedrijven. Het Hof vond echter dat er begin 1995 nog geen redelijk vermoeden van onregelmatigheden bestond dat overleg rechtvaardigde.
In cassatie betoogde belanghebbende dat het Hof ten onrechte vereiste dat antidumpingrechten expliciet moesten worden onderscheiden in de aangifte. De Hoge Raad stelde echter vast dat rechten die niet door de douane worden geheven niet tot de douanewaarde behoren en bevestigde het oordeel van het Hof. Het beroep werd ongegrond verklaard en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het oordeel van het Hof bevestigd.