ECLI:NL:HR:2006:AX5450
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij diefstalveroordelingen
De aanvrage tot herziening betreft drie vonnissen van de Politierechter te Breda, waarin de aanvrager is veroordeeld voor diverse diefstallen en een bedreiging met geweld. De aanvraag berust op het vermoeden van persoonsverwisseling, waarbij de broer van de aanvrager zich zou hebben uitgegeven voor hem.
Ter onderbouwing zijn meerdere verklaringen van getuigen en politieambtenaren overgelegd, waaronder herkenning van foto's en verklaringen van betrokkenen die aangeven dat de aanvrager niet de dader was. Ook heeft de broer van de aanvrager toegegeven mogelijk de feiten te hebben gepleegd en daarbij de naam van zijn broer te hebben opgegeven.
De Hoge Raad concludeert dat deze nieuwe feiten en omstandigheden het ernstige vermoeden wekken dat de aanvrager onterecht is veroordeeld. Daarom wordt de herzieningsaanvraag gegrond verklaard, wordt de opschorting van de tenuitvoerlegging van de vonnissen bevolen en worden de zaken verwezen naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak naar het hof voor nieuwe behandeling.