ECLI:NL:HR:2006:AV6068
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van alimentatieverplichting en nihilstelling bij echtscheiding tussen ex-echtelieden
De zaak betreft een geschil tussen ex-echtelieden over de hoogte en duur van de partneralimentatie die de vrouw aan de man moet betalen na hun echtscheiding. De rechtbank had bepaald dat de vrouw € 600 per maand aan de man moest betalen, maar het hof vernietigde deze beschikking en stelde de alimentatie vast op € 800 per maand voor een periode van drie jaar, ingaande 12 mei 2004.
Het hof motiveerde dat de man, ondanks zijn leeftijd en het feit dat hij langere tijd niet had gewerkt, een redelijke kans moet krijgen om zijn vak als grafisch beeldend kunstenaar weer uit te oefenen en op termijn in eigen levensonderhoud te voorzien. De alimentatie werd daarom beperkt tot drie jaar, waarna de vrouw niet langer verplicht is te betalen, tenzij de man een wijzigingsverzoek indient.
De vrouw stelde dat de alimentatieverplichting beperkt moest worden op grond van artikel 1:157 lid 3 BW Pro, maar de Hoge Raad oordeelde dat het hof deze limitering niet had toegepast en dat de motivering van het hof voldoende was. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de beschikking van het hof in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de alimentatieverplichting van de vrouw voor drie jaar à € 800 per maand.