ECLI:NL:HR:2005:AU4738
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak hof over onjuist betalingskenmerk griffierecht
Belanghebbende, een vennootschap, had beroep ingesteld tegen een aanslag vennootschapsbelasting 1996 bij het hof. Het hof verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens niet betaling van griffierecht, omdat bij betaling een onjuist notanummer was vermeld. Belanghebbende deed verzet tegen deze beslissing, maar het hof verklaarde dit ongegrond.
In cassatie stelde belanghebbende dat de betaling wel degelijk was verricht en dat het onjuiste betalingskenmerk een vergissing was. De Hoge Raad oordeelde dat door de eerdere betaling van een andere nota geen schuld meer bestond en dat de tweede betaling, ondanks het verkeerde notanummer, toerekenbaar was aan de griffierechtschuld van het onderhavige beroep.
De Hoge Raad vernietigde het hofarrest, verklaarde het verzet gegrond en bepaalde dat het hof het onderzoek moet voortzetten. Tevens werd bepaald dat de Staat het griffierecht voor de cassatieprocedure aan belanghebbende moet vergoeden, en dat de beslissing over de overige proceskosten wordt gereserveerd tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het hofarrest vernietigd en het verzet gegrond verklaard, waarna het hof het onderzoek moet voortzetten.