ECLI:NL:HR:2005:AS3559
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over omzetbelasting vervoer gehandicapten gemeente Deventer
Belanghebbende, de gemeente Deventer, heeft over het vierde kwartaal van 1998 omzetbelasting betaald en verzocht om teruggaaf van een deel daarvan. De Inspecteur wees dit verzoek af, en het Hof bevestigde deze afwijzing. Belanghebbende stelde beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof de vraag of de gemeente als ondernemer voor personenvervoer kon worden aangemerkt en daarmee omzetbelasting verschuldigd was. De gemeente had een overeenkomst gesloten met een vervoerder (C) die het vervoer van gehandicapten feitelijk uitvoerde. Het Hof oordeelde dat de gemeente niet als vervoerder kon worden beschouwd en dat C de vervoersprestatie verrichtte.
De Hoge Raad oordeelde anders en stelde dat de gemeente wel prestaties verrichtte als bedoeld in de Zesde richtlijn omzetbelasting, ook al werd het vervoer feitelijk door een derde uitgevoerd. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof en de uitspraak van de Inspecteur, en gaf de gemeente recht op teruggaaf van de omzetbelasting. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en wijst teruggaaf van omzetbelasting toe aan de gemeente Deventer.