ECLI:NL:HR:2004:AR5708
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep in zaak medeplegen opzettelijk handelen in strijd met Opiumwet
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, waarin de verdachte werd veroordeeld wegens medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met artikel 2, eerste lid onder A, van de Opiumwet. Het hof bevestigde het vonnis van de Rechtbank te Maastricht waarbij de verdachte tot zes jaar gevangenisstraf werd veroordeeld.
De verdachte stelde een middel van cassatie in, dat door de Advocaat-Generaal werd beoordeeld en waarvoor de Hoge Raad geen aanleiding zag tot nadere motivering. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat er geen ambtshalve gronden waren om het arrest te vernietigen.
Daarom werd het cassatieberoep verworpen en bleef de veroordeling van zes jaar gevangenisstraf in stand. De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 7 december 2004 onder voorzitterschap van vice-president C.J.G. Bleichrodt.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot zes jaar gevangenisstraf blijft in stand.