ECLI:NL:HR:2004:AR2712
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over btw-vrijstelling bemiddeling bij reisverzekeringen
Belanghebbende, een reisorganisatie, bood haar klanten de mogelijkheid om bij het boeken van reizen een annulerings- of reisverzekering af te sluiten. Zij gebruikte daarvoor formulieren van een verzekeringsmaatschappij en een verzekeringsagent. De klanten betaalden premies aan belanghebbende, die deze doorbetaalde aan de agent. Belanghebbende ontving een provisie van 5% van de premies.
De Inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op omdat de door belanghebbende verrichte diensten met betrekking tot de verzekeringen niet als vrijgestelde bemiddeling konden worden aangemerkt. Het Hof oordeelde echter dat deze bemiddeling wel vrijgesteld was op grond van artikel 11 lid 1 letter Pro k van de Wet op de omzetbelasting 1968.
De Hoge Raad vernietigde het hofarrest en oordeelde dat de diensten die belanghebbende jegens de agent verrichtte niet vielen onder de vrijstelling voor bemiddeling bij verzekeringen. Dit omdat belanghebbende niet zowel met de verzekeraar als met de verzekerde betrekkingen onderhield, maar slechts ondersteunende diensten jegens de agent verrichtte. De naheffingsaanslag werd daarmee bevestigd en de Staatssecretaris en Inspecteur werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt bevestigd omdat de bemiddeling bij reisverzekeringen niet vrijgesteld is van btw.