ECLI:NL:HR:2004:AR2452

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 december 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
C03/229HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering Van Vlodrop tegen de Staat inzake schadevergoeding

Deze zaak betreft een cassatieprocedure van Van Vlodrop Holding B.V., Vlodrop Service & Support B.V. en de curator in het faillissement van aanverwante vennootschappen tegen de Staat der Nederlanden, vertegenwoordigd door het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer.

Na eerdere procedures bij de rechtbank en het gerechtshof, waarbij het hof de vordering van Van Vlodrop c.s. tot betaling van een bedrag van ruim 30 miljoen gulden met rente door de Staat heeft afgewezen, is door Van Vlodrop c.s. cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten en concludeert dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad wijst het beroep af en veroordeelt Van Vlodrop c.s. in de kosten van het cassatiegeding. Het arrest bevestigt daarmee de eerdere afwijzing van de schadevordering tegen de Staat en sluit de procedure definitief af.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van de vordering van Van Vlodrop c.s. tegen de Staat.

Uitspraak

17 december 2004
Eerste Kamer
Nr. C03/229HR
JMH/AT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. VAN VLODROP HOLDING B.V.,
2. VLODROP SERVICE & SUPPORT B.V., voorheen Van Vlodrop Services B.V.,
3. Mr. J.C.M. NUIJTEN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van VLODROP DRINKING WATER COMPANY B.V. (voorheen Van Vlodrop Processing B.V.) en VLODROP WATER TECHNOLOGY B.V. (voorheen Van Vlodrop Products B.V.),
gevestigd, resp. kantoorhoudende te Bergen op Zoom,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.B.M.M. Wuisman,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN, (Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer),
gevestigd te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J.W.H. van Wijk.
1. Het verloop van het geding in voorgaande instanties
Voor het verloop van het geding in voorgaande instanties tussen eisers tot cassatie - verder te noemen: Van Vlodrop c.s. - en verweerder in cassatie - verder te noemen: de Staat - verwijst de Hoge Raad naar zijn arrest van 22 februari 2002, nr. C00/236, NJ 2002, 323. Bij dat arrest heeft de Hoge Raad het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 20 april 2000 vernietigd en het geding ter verdere behandeling en beslissing verwezen naar het gerechtshof te Amsterdam.
Na conclusiewisseling na verwijzing heeft het gerechtshof te Amsterdam bij arrest van 22 mei 2003 de tussenvonnissen van de rechtbank te 's-Gravenhage van 10 december 1997 en 30 september 1998 waarvan beroep vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering van Van Vlodrop c.s. tot veroordeling van de Staat om aan hen een bedrag van ƒ 30.037.057,-- met de wettelijke rente over ƒ 10.061.484,-- vanaf 1 januari 1998 te betalen, afgewezen.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het tweede geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben Van Vlodrop c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de Staat mede door mr. D. Stoutjesdijk, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van Van Vlodrop c.s. heeft bij brief van 30 september 2004 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Van Vlodrop c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 4.895,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president P. Neleman als voorzitter en de raadsheren J.B. Fleers, H.A.M. Aaftink, A.M.J. van Buchem-Spapens en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 17 december 2004.