ECLI:NL:HR:2004:AR1260
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging voorlopige machtiging opname psychiatrisch ziekenhuis wegens onjuiste medische verklaring
De Officier van Justitie diende op 3 mei 2004 een verzoek in bij de rechtbank te 's-Hertogenbosch voor een voorlopige machtiging tot opname en verblijf van verzoeker in een psychiatrisch ziekenhuis. De rechtbank verleende deze machtiging op 14 mei 2004 voor zes maanden, gebaseerd op een geneeskundige verklaring van een psychiater die volgens de rechtbank verzoeker kort tevoren had onderzocht.
Uit het begeleidend schrijven van de psychiater bleek echter dat verzoeker niet persoonlijk was onderzocht, hetgeen de rechtbank zonder nadere motivering anders had vastgesteld. Dit leidde tot vernietiging van de beschikking door de Hoge Raad, omdat de medische grondslag voor de machtiging onjuist was vastgesteld.
De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde beoordeling of aan de wettelijke vereisten voor voorlopige machtiging wordt voldaan. Overige klachten werden niet behandeld omdat de vernietiging op deze grondslag voldoende was.
De Hoge Raad wees op het belang van een juiste medische beoordeling bij het verlenen van gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis, conform de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz).
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking tot voorlopige machtiging opname en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor hernieuwde beoordeling.