ECLI:NL:HR:2003:AF1931
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verwerping beroep op noodweer en deels toewijzing schadevergoeding na bedreiging en poging zware mishandeling
De zaak betreft het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin hij werd veroordeeld voor bedreiging en poging tot zware mishandeling. Het hof verwierp het beroep op noodweer en noodweerexces dat de raadsman van verdachte had aangevoerd, omdat het hof oordeelde dat de aanhouding en het toegepaste geweld door verbalisanten rechtmatig waren.
De verdediging stelde dat het ambtelijk bevel tot verwijdering en de daarop volgende aanhouding onrechtmatig waren, en dat het geweld tegen verdachte daarom als noodweer gerechtvaardigd was. Het hof stelde echter vast dat de verdachte de verbalisanten had bedreigd met woorden als "Kom hier, dan maak ik je af" en "Ik maak jullie dood", wat een rechtmatige grond voor aanhouding vormde. Het hof vond het toegepaste geweld niet disproportioneel en verwierp het beroep op noodweer.
Daarnaast behandelde het hof de vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding. Hoewel de rechtbank deze vordering niet-ontvankelijk had verklaard, wees het hof een deel van de materiële en immateriële schade toe, waarbij het hof de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaarde voor het meer gevorderde bedrag. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep, waarmee de veroordeling en de schadevergoeding definitief werden vastgesteld.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling en deels toewijzing van schadevergoeding door het hof.