ECLI:NL:HR:2002:AE5221
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel over berekening premie-inkomen Waz 1998
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1998 een voorlopige aanslag opgelegd voor de premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen gebaseerd op een premie-inkomen van ƒ 75.229. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat het besluit van de Inspecteur bevestigde.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De kern van het geschil betrof de uitleg van artikel 75 van Pro de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Waz), waarbij het Hof oordeelde dat dit artikel niet voorschrijft hoe het premie-inkomen moet worden berekend, maar slechts beoogt aansluiting bij de regels van de inkomstenbelasting voor heffing en invordering.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp de klachten van belanghebbende. De Hoge Raad vond geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt het oordeel van het Hof.