ECLI:NL:HR:2002:AE4810
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- J.W. van den Berge
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over pensioenheffing en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg voor 1995 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 3.777.765, welke na bezwaar werd gehandhaafd door de Inspecteur. Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de Inspecteur en stelde de aanslag vast op ƒ 230.212.
Tijdens de mondelinge behandeling bood de voorzitter een compromis aan waarbij de pensioeningangsdatum werd vastgesteld op 1 januari 1995 en op de pensioenuitkeringen tot 1999 het genoten loon in mindering zou worden gebracht. De gemachtigde van belanghebbende accepteerde dit voorstel per fax, maar de omschrijving week af van het voorstel zoals door de voorzitter gedaan.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte aannam dat een compromis was bereikt, omdat de fax geen beperking van de duur van de regeling bevatte, wat het voorstel van de voorzitter wel deed. Hierdoor ontbreekt een voldoende grondslag voor het oordeel van het hof. Het arrest vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor volledige herbeoordeling. Tevens worden proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor volledige herbeoordeling.