ECLI:NL:HR:2002:AE1529
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Hermann
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vonnis over rechtsverwerking bij salarisverhogingen en verwijst zaak terug
De zaak betreft een werknemer die van zijn werkgever, Kimberly-Clark, betaling vordert van salarisverhogingen en vakantietoeslag vanaf 1 april 1995 tot het einde van zijn dienstverband in december 1997. De werknemer stelt dat deze verhogingen onderdeel waren van de arbeidsovereenkomst of daarin besloten lagen.
De kantonrechter wees de vordering toe, maar de rechtbank in hoger beroep vernietigde dit vonnis en verklaarde de werknemer niet-ontvankelijk, omdat zij oordeelde dat sprake was van rechtsverwerking. De rechtbank baseerde dit op het feit dat de werknemer ruim tweeënhalf jaar na het eerste protest tegen het niet doorberekenen van CAO-salarisverhogingen geen actie had ondernomen.
De Hoge Raad stelt dat de rechtbank haar oordeel over het gerechtvaardigd vertrouwen van Kimberly-Clark onvoldoende heeft gemotiveerd en dat enkel tijdsverloop niet toereikend is voor rechtsverwerking zonder bijzondere omstandigheden. Daarom vernietigt de Hoge Raad het vonnis en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing.
De Hoge Raad veroordeelt Kimberly-Clark in de kosten van het principale cassatieberoep en de werknemer in de kosten van het incidentele beroep. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 21 juni 2002.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt vonnis en verwijst zaak terug naar gerechtshof voor verdere behandeling