ECLI:NL:HR:2001:ZD2170
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen beschikking tot onttrekking aan het verkeer
De rechtbank Arnhem heeft de vordering van de Officier van Justitie toegewezen tot onttrekking aan het verkeer van bepaalde inbeslaggenomen goederen. De betrokkene stelde cassatieberoep in tegen deze beschikking, maar stelde geen middelen van cassatie voor. De Advocaat-Generaal adviseerde vernietiging van de beschikking en verwijzing naar het gerechtshof Arnhem.
De Hoge Raad beoordeelde ambtshalve dat de behandeling van de zaak in cassatie niet binnen een redelijke termijn had plaatsgevonden, zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro. Desondanks oordeelde de Hoge Raad dat geen grond bestond voor een billijke geldelijke tegemoetkoming wegens het niet tijdig onttrekken aan het verkeer van de goederen.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat geen andere gronden aanwezig waren om de bestreden beschikking ambtshalve te vernietigen, mede omdat het arrest van het gerechtshof Arnhem uit 1995 niet op de onderhavige zaak betrekking had. Daarom werd het cassatieberoep verworpen en bleef de beschikking tot onttrekking aan het verkeer in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking tot onttrekking aan het verkeer blijft gehandhaafd.