ECLI:NL:HR:2001:AD5033
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling omzetbelasting voor paardrijlessen bij manege geëxploiteerd
Belanghebbende exploiteert een manege en heeft omzetbelasting betaald over de activiteiten, waaronder het geven van paardrijlessen en de verzorging van paarden en pony's. Zij maakte bezwaar tegen de heffing van omzetbelasting over de paardrijlessen, stellende dat deze vrijgesteld zijn op grond van artikel 11 lid 1 sub f van Pro de Wet op de omzetbelasting 1968 en het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968.
Het Hof oordeelde dat het geven van paardrijlessen niet kan worden aangemerkt als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening en wees het beroep van belanghebbende af. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de verzorging van paarden en pony's onder het algemene tarief van 17,5% valt en niet het verlaagde tarief, waardoor het door belanghebbende betaalde bedrag tekortschiet.
De Hoge Raad acht geen gronden aanwezig voor een proceskostenveroordeling en verklaart het beroep ongegrond. Hiermee blijft de uitspraak van het Hof in stand dat de omzetbelasting over de paardrijlessen en verzorging terecht is geheven.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aanslag omzetbelasting over paardrijlessen en verzorging van paarden blijft in stand.