ECLI:NL:HR:2001:AD3560
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- D.G. van Vliet
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over loonbelasting naheffingsaanslag en verwijst terug
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd over de jaren 1993 tot en met 1997, inclusief een verhoging. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, maar het Hof vernietigde deze en mat de aanslag en verhoging gedeeltelijk naar beneden.
Belanghebbende ging in cassatie tegen het arrest van het Hof. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof een te strenge maatstaf hanteerde voor de definitie van werkkleding en dat het Hof het vertrouwensbeginsel ten onrechte verwierp. Echter, omdat eerdere controlerapporten aangaven dat onkostenvergoedingen expliciet aan de orde waren geweest en belanghebbende was gewaarschuwd dat meer vergoede kosten als loon zouden worden aangemerkt, kon geen gerechtvaardigd vertrouwen worden aangenomen.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat het Hof onvoldoende had vastgesteld of het reiskostenforfait correct was toegepast bij het heen en weer reizen van een werknemer tussen verschillende arbeidsplaatsen. Ook werd geoordeeld dat reizen buiten het reiskostenforfait vielen indien deze niet naar vaste arbeidsplaatsen gingen.
De Hoge Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het arrest van het Hof behoudens enkele beslissingen en verwees de zaak terug naar het Hof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest.