ECLI:NL:HR:2001:AB2683
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt handhaving naheffingsaanslag omzetbelasting na bezwaar en beroep
Belanghebbende kreeg over maart 1998 een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd van ƒ 177.846 zonder verhoging. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde belanghebbende cassatieberoep in bij de Hoge Raad met een middel van cassatie.
De Hoge Raad beoordeelde het middel en concludeerde dat het niet tot cassatie kon leiden. Volgens artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet nodig omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verklaarde het cassatieberoep ongegrond. Hiermee bleef de naheffingsaanslag en de uitspraak van het hof ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag blijft gehandhaafd.