ECLI:NL:HR:2001:AB0852
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- D.H. Beukenhorst
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt fiscale kwalificatie van ESCAPE-beleggingsproduct als geen geldlening
Belanghebbende had in 1996 ESCAPE-beleggingsproducten verworven, die bestaan uit een combinatie van warrants met een uitkering afhankelijk van de AEX-index. De vraag was of het conversievoordeel uit deze ESCAPEs moest worden gerekend tot het belastbare inkomen als een overeenkomst van geldlening.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de ESCAPEs niet als geldlening konden worden aangemerkt, omdat het hier ging om opties met koersrisico en een afdekking naar beneden. De Staatssecretaris stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad bevestigde dat de aankoopprijs van ESCAPEs niet kan worden beschouwd als het ter beschikking stellen van een hoofdsom, mede omdat de warrants afzonderlijk verhandelbaar zijn en tussentijdse uitoefening mogelijk is. De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en veroordeelde de Staatssecretaris in de proceskosten.
Deze uitspraak verduidelijkt de fiscale behandeling van complexe beleggingsproducten die niet voldoen aan de kenmerken van een geldlening, ondanks een gegarandeerde minimale terugbetaling van de inleg.
Uitkomst: Het beroep van de Staatssecretaris in cassatie wordt ongegrond verklaard en de aanslagvermindering door het hof bevestigd.