ECLI:NL:HR:2001:AB0423
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek buitengewone lasten voor ondersteuning in natura aan schoonouders
In deze zaak gaat het om de vraag of uitgaven die wijlen X in 1997 deed voor de ondersteuning van zijn schoonouders, door middel van betalingen aan leveranciers voor goederen zoals een bankstel, kleding en schoenen, in aanmerking komen als buitengewone lasten in de inkomstenbelasting. Het hof had geoordeeld dat ook betalingen die niet rechtstreeks aan de ondersteunde zijn gedaan als buitengewone lasten konden worden aangemerkt, mits deze op redelijk te controleren wijze zijn gedaan.
De Hoge Raad stelt echter dat de wetswijziging van artikel 46, lid 1, letter a, onder 2°, Wet op de inkomstenbelasting 1964, die sinds 1997 geldt, duidelijk maakt dat alleen uitgaven in geld of geldeenheden aftrekbaar zijn en dat ondersteuning in natura niet onder deze regeling valt. Dit volgt uit de Memorie van toelichting en de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep.
Daarmee is de aftrek van de in natura verstrekte ondersteuning niet mogelijk, ook al is de waarde van de verstrekte zaken duidelijk. De Hoge Raad verklaart het beroep van de Staatssecretaris gegrond, vernietigt het hofarrest en bevestigt de uitspraak van de inspecteur. De Hoge Raad acht geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat uitgaven voor ondersteuning in natura niet aftrekbaar zijn als buitengewone lasten en vernietigt het hofarrest.