ECLI:NL:HR:2000:ZD1689
Hoge Raad
- Cassatie
- Davids
- Koster
- Balkema
- Rechtspraak.nl
Vaststelling toepasselijkheid van Nederlandse strafwet bij overtreding Wet arbeid buitenlandse werknemers door buitenlandse vennootschap
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin een buitenlandse vennootschap werd veroordeeld voor zesvoudige overtreding van artikel 4 van Pro de Wet arbeid buitenlandse werknemers. Het hof had het vonnis van de Economische Politierechter vernietigd en de vennootschap veroordeeld tot zes geldboetes van vijfhonderd gulden.
De vennootschap stelde in cassatie dat artikel 2 van Pro het Wetboek van Strafrecht buiten toepassing moest blijven omdat de relatie van het feit tot de Nederlandse rechtsorde te gering zou zijn. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van dit middel, stellende dat artikel 2 Sr Pro slechts beperkt wordt door internationaalrechtelijke uitzonderingen die hier niet van toepassing zijn.
De Hoge Raad volgde deze lijn en verwierp het cassatieberoep. Er waren geen gronden aanwezig om de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen. Hiermee werd bevestigd dat de Nederlandse strafwet van toepassing is op de overtredingen gepleegd door de buitenlandse vennootschap, ondanks haar buitenlandse vestiging.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de buitenlandse vennootschap wordt verworpen en de veroordeling tot geldboetes blijft in stand.