ECLI:NL:HR:2000:AA6460
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens normschendingen bij voorlopige hechtenis
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, waarin hij werd veroordeeld tot dertien jaar gevangenisstraf voor meerdere ernstige strafbare feiten, waaronder diefstal met geweld, afpersing, medeplegen van verkrachting en feitelijke aanranding van de eerbaarheid.
Verdachte stelde in cassatie dat er tijdens het vooronderzoek en de voorlopige hechtenis diverse normschendingen hadden plaatsgevonden, met name fouten bij de verlenging van de voorlopige hechtenis en het niet tijdig horen van de verdachte. De Hoge Raad oordeelde dat het verzuim om verdachte voorafgaand aan de verlenging van de gevangenhouding te horen een normschending oplevert die niet kan worden hersteld en dat het hof bij de strafoplegging hier rekening mee had moeten houden of dit had moeten motiveren.
De Hoge Raad vernietigde daarom het bestreden vonnis uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en verwees de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie voor een nieuwe beoordeling van de strafmaat. Het beroep werd voor het overige verworpen. Hiermee werd bevestigd dat normschendingen tijdens voorlopige hechtenis gevolgen kunnen hebben voor de strafoplegging, ook indien er reeds een schadevergoedingsregeling bestaat.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging en verwijst de zaak voor hernieuwde berechting terug naar het hof.