ECLI:NL:HR:1999:AA2927
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van Brunschot
- Van Vliet
- Van Amersfoort
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afschrijving aansluitingskosten gemeentelijke riolering bij maatschap
Belanghebbende exploiteerde in 1994 samen met zijn vader een rundvee- en varkensbedrijf in de vorm van een maatschap. Tot het ondernemingsvermogen behoorde een pand met woon- en bedrijfsgedeelte dat in dat jaar werd aangesloten op de gemeentelijke riolering. De gemeente stelde een bijdrage van ƒ 10.000,-- in rekening voor de aanleg van de riolering. Belanghebbende schreef deze aansluitingskosten af bij de winstberekening van de maatschap.
De Inspecteur handhaafde de aanslag inkomstenbelasting, maar het Hof Arnhem vernietigde deze uitspraak en verminderde de aanslag op basis van het oordeel dat de aansluitingskosten geactiveerd mochten worden en afgeschreven. De Staatssecretaris stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat het oordeel van het Hof dat de bijdrage recht geeft op een jarenlange lozing op het riool en dat het dus om afschrijfbare kosten gaat, geen onjuiste rechtsopvatting bevat. De stelling van de Staatssecretaris dat de aansluiting een blijvende waardevermeerdering van het perceel oplevert waarop niet kan worden afgeschreven, is niet voldoende onderbouwd en kan in cassatie niet worden getoetst.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt de Staatssecretaris in de proceskosten. Hiermee blijft het oordeel van het Hof dat de aansluitingskosten afgeschreven mogen worden in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de aansluitingskosten voor gemeentelijke riolering afgeschreven mogen worden.