ECLI:NL:HR:1997:AA3247
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Urlings
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omvangscriterium aftrekbare kosten inkomstenbelasting 1990
Belanghebbende werd voor het jaar 1990 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 61.602,--. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag gehandhaafd. Het geschil betrof de vraag in hoeverre de door belanghebbende opgevoerde kosten als aftrekbaar konden worden aangemerkt volgens het omvangscriterium van artikel 35 Wet Pro op de inkomstenbelasting 1964.
Het Hof oordeelde dat alleen de inspecteur had voldaan aan de stelplicht omtrent het omvangscriterium, omdat belanghebbende niet gemotiveerd had gesteld dat de kosten niet boven het gebruikelijke niveau in zijn beroepsgroep uitkwamen. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde dat het Hof geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven. Belanghebbende had enkel benadrukt hoe zinvol zijn aanschaffingen waren, maar niet voldoende gemotiveerd betwist dat de kosten de gebruikelijke omvang overschreden.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en acht geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. Het arrest werd op 19 februari 1997 vastgesteld en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt verworpen en de aanslag inkomstenbelasting 1990 wordt gehandhaafd.