ECLI:NL:HR:1997:AA2102
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vrijstelling belasting personenauto's en motorrijwielen bij gebruik door ambulante werknemer
De zaak betreft een beroep in cassatie van belanghebbende tegen het oordeel van het Gerechtshof Arnhem dat de Inspecteur terecht de vrijstelling van belasting voor een buitenlandse personenauto beperkte tot het gebruik voor woon-werkverkeer tussen de vaste buitenlandse werkplaats en de woonplaats in Nederland.
Belanghebbende, bestuurder van een Duitse vennootschap, voerde aan dat het beleid van de Inspecteur onjuist was en dat ook reizen buiten de vaste route onder de vrijstelling vielen. Tevens stelde hij zich op het standpunt dat het gelijkheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel en redelijke wetstoepassing in zijn voordeel spraken.
De Hoge Raad oordeelt dat de wet en het uitvoeringsbesluit een beperkte vrijstelling beogen, uitsluitend voor het directe verkeer tussen woonplaats en vaste werkplaats. Het Hof heeft deze uitleg correct toegepast. Het beroep op gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel faalt omdat onvoldoende is aangetoond dat de Inspecteur een afwijkend beleid voerde.
Het beroep in cassatie wordt verworpen en er worden geen proceskosten toegewezen. Het arrest is op 29 januari 1997 door vijf raadsheren vastgesteld en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beperkte vrijstelling van belasting wordt bevestigd.