ECLI:NL:HR:1997:AA2067
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over gelijkheidsbeginsel en fiscale behandeling dienstauto ministers
Belanghebbende kreeg voor 1987 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd gebaseerd op een belastbaar inkomen van ƒ 408.902, welke na bezwaar werd gehandhaafd. Na beroep vernietigde de Hoge Raad een eerdere uitspraak en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem, dat de aanslag verminderde en proceskosten aan belanghebbende toekende.
Zowel belanghebbende als de Staatssecretaris van Financiën stelden cassatieberoep in tegen het Hofarrest. Belanghebbende stelde dat het gelijkheidsbeginsel van toepassing moest zijn op het fiscale beleid omtrent dienstauto's voor ministers en staatssecretarissen, dat volgens hem onrechtvaardig was.
De Hoge Raad oordeelde dat het beleid berust op een onjuiste rechtsopvatting omdat privégebruik van de dienstauto ook onder de geschetste omstandigheden privégebruik blijft. Desondanks kon belanghebbende, die niet tot de beperkte groep ministers en staatssecretarissen behoort, zich niet met succes beroepen op het gelijkheidsbeginsel zolang de onjuistheid van het beleid niet is erkend.
Verder vernietigde de Hoge Raad het deel van het Hofarrest dat betrekking had op de proceskostenvergoeding en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van kosten aan belanghebbende. Het arrest werd vastgesteld op 7 mei 1997 door de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt verworpen en het Hofarrest wordt vernietigd voor zover het de proceskosten betreft.