ECLI:NL:HR:1995:AA3123
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Herwaardering stamrechtverplichting na overlijden van een van de gerechtigden in vennootschapsbelasting
X B.V. werd voor het jaar 1989 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd, die zij betwistte. De vennootschap had bij oprichting een onderneming ingebracht met een stamrechtverplichting tot uitkering van lijfrenten aan de oprichter en diens echtgenote. Na het overlijden van de echtgenote in 1989 daalde de jaarlijkse uitkering, wat aanleiding gaf tot discussie over de waardering van de stamrechtverplichting.
Het Hof bevestigde dat goed koopmansgebruik een herwaardering van de stamrechtverplichting vereist, omdat de balans anders geen juist beeld zou geven en baten willekeurig in andere jaren tot uitdrukking zouden komen. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van X B.V.
De Hoge Raad stelde dat het overlijden van een van de lijfrentegenieters een substantiële wijziging van de stamrechtverplichting inhoudt die actuariëel moet worden verwerkt. Hoewel het stelsel van jaarlijkse afboeking en renteopbouw dat X B.V. hanteerde niet strijdig is met goed koopmansgebruik, vereist de situatie van overlijden een herwaardering om een juiste balans te waarborgen.
De Hoge Raad benadrukte dat onzekerheid over de levensduur inherent is aan de verplichting en dat een gelijkmatige winstbepaling wenselijk is, maar dat dit niet uitsluit dat bij substantiële wijzigingen zoals overlijden herwaardering moet plaatsvinden. Het beroep werd verworpen en de aanslag gehandhaafd.
Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat herwaardering van de stamrechtverplichting na overlijden van een gerechtigde vereist is.