ECLI:NL:HR:1995:AA3031
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- De Moor
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslag inkomstenbelasting autohandelaar
Belanghebbende, een handelaar in zuivelproducten die tevens actief was in de handel en restauratie van klassieke auto's, kreeg een navorderingsaanslag opgelegd voor het jaar 1986. De Inspecteur baseerde de aanslag op advertenties, brutowinstpercentages en restauratievergoedingen, wat leidde tot een belastbaar inkomen van ƒ 50.044,--. Na een FIOD-onderzoek en een fiscaal rapport werd een tweede navorderingsaanslag opgelegd met een belastbaar inkomen van ƒ 84.033,--.
Het Hof Amsterdam handhaafde de navorderingsaanslag en oordeelde dat belanghebbende winst uit onderneming genoot, waarbij het Hof aannam dat er sprake was van winststreven. Belanghebbende stelde in cassatie onder meer dat het Hof onterecht niet had getoetst op winststreven en dat het Hof buiten de rechtsstrijd was getreden door de Inspecteur's berekeningen te accepteren.
De Hoge Raad verwierp het middel over winststreven en het middel over de berekeningswijze, maar gaf wel gehoor aan het middel dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het belanghebbende niet de keuze had geboden voor een stelsel van winstberekening. De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verwees de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor nader onderzoek naar de hoogte van de winst, waarbij de bewijslast bij de Inspecteur ligt.
Verder stelde de Hoge Raad belanghebbende in de gelegenheid zich uit te laten over proceskosten en bepaalde dat het griffierecht van ƒ 300,-- aan belanghebbende wordt vergoed.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak en verwijst zaak terug voor nader onderzoek naar de winstberekening.