ECLI:NL:HR:1995:AA1512
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Urlings
- Zuurmond
- Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt beroepsopleiding als aftrekbare buitengewone last in inkomstenbelastingzaak
Belanghebbende, werkzaam als intensive care-verpleegkundige, volgde een vierjarige opleiding neo-hypnotherapie waarvoor zij in 1991 kosten maakte van f 8.149,50. De Inspecteur handhaafde de aanslag inkomstenbelasting/premies volksverzekeringen over 1991, maar het Gerechtshof Arnhem vernietigde deze uitspraak en verlaagde het belastbaar inkomen.
De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen het oordeel van het Hof dat de opleidingskosten als buitengewone lasten aftrekbaar zijn. De Hoge Raad oordeelde dat de opleiding een beroepsopleiding betreft, gericht op het zelfstandig vestigen als therapeut, en dat de kosten daarom aftrekbaar zijn volgens artikel 46 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het middel van de Staatssecretaris faalde omdat het Hof geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven en het oordeel feitelijk van aard was. De Hoge Raad wees het beroep af en legde geen proceskostenveroordeling op. Het arrest werd op 15 februari 1995 uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de opleidingskosten aftrekbaar zijn als buitengewone lasten.