Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
,
1.Overwegingen voor herstel
[belanghebbende] ,
[belanghebbende] ,
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 4 februari 2026 een uitspraak gedaan in hoger beroep van de inspecteur tegen belanghebbende inzake een belastingzaak. Na ontvangst van een brief van de gemachtigde van belanghebbende constateerde het hof dat in de uitspraak een fout stond in de vermelding van de woonplaats van belanghebbende en dat het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn ten onrechte niet was behandeld.
Het hof heeft partijen geïnformeerd over het voornemen om een hersteluitspraak te doen waarin de Staat wordt veroordeeld tot betaling van €1.000 aan immateriële schadevergoeding wegens een overschrijding van de redelijke termijn van ongeveer zeven maanden. Belanghebbende stemde hiermee in, de inspecteur reageerde niet.
De hersteluitspraak corrigeert de woonplaatsvermelding en voegt een passage toe waarin het recht op vergoeding wordt vastgesteld. Tevens wordt de Staat als partij vermeld in de aanhef. De uitspraak is in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2026 en er staat geen hoger beroep of cassatie meer open.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van €1.000 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.