Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[betrokkene] ,
€ 12.957.541,-en aan de betrokkene een betalingsverplichting opgelegd voor een bedrag van
€ 10.059.288,50. Verder heeft de rechtbank bepaald dat de betrokkene en medeveroordeelde(n) voor een deel, te weten voor een geldbedrag ter grootte van
€ 6.985.321,-hoofdelijk aansprakelijk zijn voor deze betalingsverplichting en dat ten aanzien van dit deel de verplichting tot betaling aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel komt te vervallen indien en voor zover (de) mededader(s) van betrokkene heeft/hebben voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat. De vordering is voor het overige afgewezen.
- Feitelijk leidinggeven aan medeplegen van witwassen, gepleegd door [verdachte rechtspersoon 1] , in de periode vanaf 1 juli 2007 tot en met 29 september 2011, in Nederland en in Hong Kong (feit 1);
- Feitelijk leidinggeven aan witwassen, gepleegd door [verdachte rechtspersoon 2] , in of omstreeks de periode vanaf 24 oktober 2014 tot en met 26 mei 2017 in Nederland en in Hong Kong (feit 2);
- Feitelijk leidinggeven aan valsheid in geschrift, gepleegd door [verdachte rechtspersoon 2] , in de periode vanaf de maand juli 2007 tot en met de maand november 2008 in Hong Kong en te Taipei (Taiwan) en in Nederland en Duitsland (feit 3);
- Feitelijk leidinggeven aan het opzettelijk onjuist en/of onvolledig aangiften vennootschapsbelasting doen, gepleegd door [verdachte rechtspersoon 3] , in de periode van 9 december 2011 tot en met 29 november 2016 in Nederland (feit 5).
- een lening van € 6.150.000,- die [verdachte rechtspersoon 2] via [verdachte rechtspersoon 1] heeft verstrekt aan [bedrijf 2] (hierna [bedrijf 2] ) in de periode 2007 tot en met 2011 (rentepercentage 9%);
- een lening van USD 13.500.000 die [verdachte rechtspersoon 2] via [verdachte rechtspersoon 1] heeft verstrekt aan [bedrijf 3] (hierna: [bedrijf 3] ) in de periode 2007 tot en met 2011 (rentepercentage 9%);
- een lening van € 4.500.000,- die [verdachte rechtspersoon 2] heeft verstrekt ten behoeve van het verlenen van financiering aan [bedrijf 4] in de periode 2014 tot en met 2017 (rentepercentage 10%).
BESLISSING
€ 5.157.336,- (vijf miljoen honderdzevenenvijftigduizend driehonderdzesendertig euro);
betaling aan de Staatter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
€ 5.157.336,- (vijf miljoen honderdzevenenvijftigduizend driehonderdzesendertig euro);