Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant] ,wonende te [woonplaats] ,hierna aan te duiden als [appellant] ,
[X B.V.] ,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
hierna aan te duiden als [X B.V.] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/351034 / HA ZA 19-652)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord, tevens eiswijziging in incidenteel appel met producties;
- de memorie van antwoord inzake de eiswijziging in incidenteel appel;
- de mondelinge behandeling, waarbij beide partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd;
- de bij H12-formulier, ingekomen ter griffie op 21-07-2023, door [appellanten] toegezonden producties 14 tot en met 18, die [appellanten] bij de mondelinge behandeling bij akte in het geding heeft gebracht;
- de bij H12-formulier, ingekomen ter griffie op 21-07-2023, door [X. Partners B.V.] toegezonden producties 48 en 49, die [X. Partners B.V.] bij de mondelinge behandeling bij akte in het geding heeft gebracht.
3.De beoordeling
- wie aan de zijde van [appellanten] als contractspartij heeft te gelden: enkel [X B.V.] (zoals [appellanten] stelt) of zowel [appellant] in privé als [X B.V.] (zoals [X. Partners B.V.] stelt);
- of de samenwerkingsovereenkomst door [appellanten] is opgezegd of ontbonden wegens wanprestatie van de zijde van [X. Partners B.V.] of dat de overeenkomst is blijven voortduren totdat deze van rechtswege is geëindigd;
- of [appellanten] royaltyplichtig is voor de werkzaamheden die hij gedurende de looptijd van de overeenkomst heeft verricht voor ASR en Leaseplan;
- of [appellanten] na beëindiging van de overeenkomst het concurrentiebeding heeft overtreden en boetes heeft verbeurd.
De brief luidt, voor zover van belang:
zich niet aan hun verplichtingen houden; zo heeft [appellant] in het geheel geen BTW aangiftes overgelegd, noch in persoon, noch via zijn B.V. (…)Nu uw cliënten zich aan hun verplichtingen onttrekken (…) schort cliënte[hof: [X. Partners B.V.] ]
de nakoming van haar verplichtingen eveneens op. Dit betreft onder meer de plaatsing van uw cliënten op de [X. Partners B.V.] -website."
De tekst luidt, voor zover van belang:
cliënten alsnog de toegezegde 10 `warme' leads aan te reiken, dat wil zeggen leads die inhouden een afspraak met prospects die een concrete behoefte hebben aan één van de [X. Partners B.V.] -producten en die het [X. Partners B.V.] -adviestarief willen betalen;
cliënten terug te plaatsen op uw website;
cliënten toegang te geven tot de vakinhoudelijke kennisbank binnen uw organisatie;
cliënten alsnog toegang te geven tot de databank waarin de expertises van alle [X. Partners B.V.] partners staan vermeld;
alsnog twee besprekingen per maand (24 per jaar) op de vestiging [vestigingsplaats] worden gehouden met partners uit [vestigingsplaats] teneinde de voortgang van de samenwerking te bespreken;
cliënten up-to-date, actuele sjablonen/formats van de modelcorrespondentie aan te reiken;
- btw-aangiftes over 2019
- aangiftes IB en aangiftes over 2018 en 2019 Vpb van [appellant] en/of [X B.V.] , inclusief onderliggende cijfers en documenten;
subsidiair: de overeenkomst gerechtelijk te ontbinden wegens het tekortschieten in haar verplichtingen uit de overeenkomst door [X. Partners B.V.] ;
nadere overeenkomstzo mocht begrijpen dat door ondertekening daarvan de rechten en verplichtingen, die als gevolg van de overeenkomst op [appellant] in privé rustten, zijn overgegaan op [X B.V.] , met uitsluiting van [appellant] in privé.
"De rechtsvorm van de onderneming zal vooralsnog zijn: Besloten Vennootschap. (…) De officiële startdatum van de onderneming is gesteld op 15 februari 2015.". Deze passage uit het ondernemersplan is echter – naar eigen stelling van [appellanten] – opgesteld ná ondertekening van de nadere overeenkomst. Daarbij valt niet in te zien waarom hieruit volgt dat [appellanten] mocht begrijpen dat alle rechten en plichten op [X B.V.] waren overgegaan, met uitsluiting van [appellant] in privé.
[appellanten] dat van de omzet waarover de royalty's berekend worden, eerst reis- en parkeerkosten moeten worden afgetrokken.
[appellanten] stelt zich op het standpunt dat hij alle omzetgegevens tot maart 2018 aan [X. Partners B.V.] heeft verstrekt. Hij erkent dat hij daarna geen omzetgegevens meer heeft verstrekt, omdat hij geen werkzaamheden meer heeft verricht vanuit de [X. Partners B.V.] -formule, maar enkel activiteiten voor ASR en Leaseplan, die naar zijn mening niet royaltyplichtig waren en waarover hij daarom volgens hem ook de daarop betrekking hebbende omzetgegevens niet hoefde te verstrekken.
onder meer" vallen ook de werkzaamheden van [appellant] als 'senior financial' bij Allinq onder de omschrijving, zodat [X. Partners B.V.] van mening is dat [appellanten] contractuele boetes heeft verbeurd wegens overtreding van het concurrentiebeding.
principaal hoger beroepfalen. Het bestreden vonnis en het herstelvonnis zullen worden bekrachtigd. [appellanten] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten en de nakosten in het principaal hoger beroep worden veroordeeld. Het hof begroot deze aan de zijde van [X. Partners B.V.] op € 2.455,-- (€ 783,-- aan griffierecht en € 1.672,-- aan salaris advocaat (2 punten x € 836,-- per punt)).
incidenteel hoger beroepfaalt ook en het gevorderde wordt afgewezen. [X. Partners B.V.] zal, als de in het ongelijk gesteld partij, in de proceskosten in het incidenteel hoger beroep worden veroordeeld. Het hof begroot deze aan de zijde van [appellanten] op € 2.157,-- aan salaris advocaat (2 punten x 1.078,50 per punt)).