Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2012 te [geboorteplaats] , en
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2015 te [geboorteplaats] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Partijen zijn gescheiden en gezamenlijk gezaghebbend over twee minderjarige kinderen. Na signalen van kindermishandeling door de vrouw zijn de kinderen in oktober 2021 bij de man gaan wonen en gaan zij naar school in zijn woonplaats. De rechtbank wijzigde in mei 2022 de zorgregeling ten gunste van de vrouw, maar deze regeling werd door de man niet nageleefd vanwege zorgen over de veiligheid van de kinderen.
Het hof heeft het hoger beroep van de man gegrond verklaard en het hoofdverblijf bij hem vastgesteld, mede vanwege de wens van de kinderen en het belang van stabiliteit. De zorgregeling wordt gefaseerd opgebouwd, waarbij fase 1 wordt vastgesteld en verdere uitbreiding onder regie van de gecertificeerde instelling plaatsvindt. De vrouw is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot het treffen van een provisionele voorziening.
De bijzondere curator, de gecertificeerde instelling en de Raad voor de Kinderbescherming hebben geadviseerd de huidige situatie te bestendigen en geleidelijke opbouw van het contact te ondersteunen. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof wijzigt het hoofdverblijf van de kinderen naar de man en stelt een gefaseerde zorgregeling vast onder regie van de gecertificeerde instelling.